Pagina laatst bijgewerkt op: 22 Jan 2013

Geschiedenis van de Schotten in Veere

Inleiding

De relatie Schotland – Veere bestaat meer dan 700 jaar; al in de 13de eeuw deden Veerse vissers Schotse havenplaatsen aan. Dat de stad Veere vanaf haar ontstaan aan de eind van de 13de eeuw zelf ook handelaars aantrok mag duidelijk zijn. Met een haven aan zee, onder de bescherming van de machtige heren van Borselen kon Veere in de 15de eeuw uitgroeien tot een internationale handelsstad. Omstreeks 1450 telde de stad zo’n 4000 inwoners en kon zich dan ook meten met plaatsen als Amsterdam en Rotterdam.

Veere

Culross

 

Mary Stewart

In 1444 trouwde Wolfert VI van Borsele, heer van Veere met de Schotse prinses Mary Stewart, dochter van  koning James I en zus van koning James II. Met groot gevolg kwam de prinses hier aan. Volgens latere kronieken kwamen veel Schotten hier feest vieren en werden in de herbergen nieuwe serviezen aangeschaft. Niet bekend is of dat voor of na hun komst was. Volgens dezelfde kronieken bood deze Schotse edelvrouw op haar kasteel Sandenburgh haar landgenoten mogelijkheden om hun wollen huiden te drogen. Veel is er niet bekend over haar leven. Van haar zusjes, ook getrouwd binnen de Europese adel is bekend dat ze heel intelligent waren en gedichten schreven. Bij Maria kun je alleen maar bedenken dat ze ver van huis haar dagen moest slijten in een koud kasteel, wachtend tot haar Wolfert terug zou keren van zee. Op 20 maart 1465 stierf ze plotseling op kasteel Sandenburgh, waarna ze met grote eerbied in het koor van de Grote Kerk werd begraven. Mocht deze aantekening in kroniek van Jan van Reygersbergh op waarheid berusten, dan zou dat dus op de plaats zijn die nu in gebruik als Kleine Kerk. Helaas is er nooit iets van gevonden en archiefstukken zijn er niet van.

 

 

 

Stapelcontract

Dit huwelijk, alsmede de al langer bestaande handelscontacten in de Middeleeuwen resulteerden in 1541 in een stapelcontract, waarin de Schotten vastlegden dat importgoederen vanuit diverse steden, verenigd in de ‘Convention of Royal Burghs in Scotland’ uitsluitend in Veere opgeslagen en verhandeld zouden worden.
 Tot deze steden behoorden onder andere Edinburgh, Aberdeen, St. Andrews en Culross. Die importgoederen bestonden toen voornamelijk uit wol, een erg gewild product ten behoeve van de Vlaamse lakenindustrie. In 17de-eeuwse Veerse bronnen wordt de havenplaats Culross genoemd, waar vandaan steenkool naar Veere werd verscheept en tegels en dakpannen mee terug genomen werden. Deze Nederlandse tegels komt men in de monumentenpanden van Culross nog veelvuldig tegen. Dat er door de eeuwen heen geregeld sprake was van Schotse handelaars die hun goederen in Zeeland afzetten, blijkt wel uit veel bronnen.  Klik hier voor een vergrote foto van het contract

Handel

De Middeleeuwen waren een periode waarin  stadsbestuurders probeerden om zoveel mogelijk handelsrechten te bemachtigen.Zo had Middelburg het recht dat alle Franse wijnen, bestemd voor de Nederlanden, in deze stad verhandeld moesten worden. Dordrecht was de enige plaats waar je terecht kon voor hout uit Duitsland. Veel plaatsen hadden hun belangrijke jaarmarkten, zoals Bergen op Zoom. Veere had niets en keek met begerige ogen naar Brugge waar alle Schotse goederen werden verhandeld. En zo begon het grote paaien. De Veerse adel kon door haar positie als opperbevelhebber van de oorlogsvloot nogal eens een zeereisje maken. 

In een aantal gevallen is bekend welke cadeautjes vanuit Veere naar de koning van Schotland werden gestuurd. Ergens in de vijftiende eeuw werden drie Vlaamse paarden verscheept naar het koninklijk paleis in Linlithgow. Als dank kreeg Hendrik een jonge leeuw cadeau. Alle moeite en presentjes waren niet voor niets geweest, want uiteindelijk werd in 1541 het contract getekend tussen de heer van Veere en de vertegenwoordigers van de Koninklijke steden van Schotland.

 

Privileges

De handelscontacten met Schotland brachten Veere grote welvaart. De Schotse kooplieden die zich hier mettertijd vestigden, bezaten pakhuizen, administratieve centra, woonhuizen en een eigen kerk (met dominee); tevens mochten ze hun eigen rechtspraak blijven uitoefenen en waren ze vrijgesteld van accijns (de voor hen spotgoedkope alcoholica werd via de achterdeur trouwens weer doorverkocht aan dorstige Veerenaren). Op straat werd Schots gesproken, kon men diverse ‘tartans’ (geruite stoffen) zien, kwam men mensen in ‘kilts’ tegen met namen als Cunningham, Olyphant, Tennant of Gregory en kon men soms een ‘piper’ horen spelen.

Citaat

“Dat het so is, dat vreemdelingen leven so goedkoop niet in geen land als inboorlingen, ieder een sal moeten gemerkt hebben die oijt eens ses maanden tijd buijten zijn geboorteland doorgebracht heeft. Maar sonder te reijzen t’ is genoeg te sien aan de Schotse ingesetenen deezer stad. Sij lusten geen spek, sij hebben geen smaak in gort, pappen, salade, groensel en diergelijk gesont en goedkoop voedsel dat de inboorlingen sich veel mede behelpen. Sij moeten alle daagen eens so niet tweemaal met suijvere vlees de buijk vol stijgen (...) sij drinken ook geen theewater om de dorst te slissen of om geld aan bier te bespaaren gelijk de inboorlingen veel doen, de Schotten moeten melk en broodsuiker daarbij hebben (...) door diergelijke manieren is het dat de Schotse ingesetenen hoewel vrij van accijnsen verteeren meer geld om huijs te houden als de inboorlingen die alle lasten betaalen.”

Schotse cultuur

Aan het woord is Charles Stuart, de vertegenwoordiger van de Schotse inwoners van Veere. Alhoewel hij het Nederlands beheerste, blijkt hij met de grammatica nog wat moeite te hebben. Op 17 september 1756 schreef hij aan het stadsbestuur van Veere een lange brief waarin hij uitlegde waarom Schotten in Veere met hun boodschappen duurder uit waren dan de Veerenaren. Aten de Zeeuwen spek, gort, pap, salade en groente, bij een Schot moest een goed stuk vlees op tafel staan. Dronken de inboorlingen voor ‘de goedkoopte’ thee en bier, nee, een Schot had er liever melk en suiker in. Volgens Stuart “een kostbare dertelheijt”. In zijn betoog gunt Stuart ons, 21ste-eeuwers, een kijkje in de eet- en drinkgewoonten van tweehonderdenvijftig jaar geleden. Daarnaast geeft hij met dit voorbeeld aan dat het voor een vreemdeling in Veere niet altijd even makkelijk was. Hij laat ons kennis maken met een onderdeel van de Schotse cultuur, een vreemde cultuur die drie eeuwen lang in Veere te vinden was.

Beeld van het dagelijks leven

Gedurende driehonderd jaar hebben Schotten in de stad Veere geleefd, gewerkt en gewoond. Door Schotse historici is al het nodige geschreven over de Schotse handel en de rechtspraak. Hoe deze groep daadwerkelijk heeft geleefd tussen de Zeeuwen is nooit onderwerp van studie geweest. Toch kunnen in de archieven van de kerk, de stad of de rechtbank verhalen worden opgediept die ons een beeld geven van het dagelijks leven van deze vreemdelingen in Veere.

Om hoeveel Schotten ging het nu precies?

Weliswaar woonden er voor 1541 al Schotten in de stad, maar na dit jaar breidde de gemeenschap zich uit. Over de werkelijke bevolkingscijfers van Veere is altijd veel gedoe geweest. Echt goede cijfers zijn er nooit geweest. In het poortersregister van Veere stonden rond 1600 3000 Veerenaren ingeschreven, waaronder circa 300 Schotten. Aan het hoofd van de Schotse gemeenschap stond de conservator (wat we tegenwoordig een consul zouden noemen). Met een deputy bestierde hij de Schotse gemeenschap. Er waren factors (kooplieden die als tussenhandelaar optraden), er was een dominee, een koster, een chirurgijn, een conciërge van het Schotse huis, en zo meer...

Leven tussen de Zeeuwen

Dat Schotten zich ook interesseerden voor het Walcherse landschap blijkt uit een brief die de Schotse koopman Smart Tennant in 1760 naar het bestuur van het waterschap had gestuurd. Hij schreef dat tijdens de vele jaren die hij in Veere woonde, in de ledige uren vaak een tocht te paard door de duinen en over het strand maakte, “meest in zijn eenzaamheid en zonder gezelschap”. Hij gaf zijn ogen goed de kost en observeerde dat met veel geld en moeite het polderbestuur van Walcheren trachtte het duinverlies tegen te gaan; Tennant constateerde dat dat maar weinig resultaat had. Hij kende een Schots plantje dat uitermate geschikt was om de duinen te beplanten en zodoende kon zorgdragen voor verdere afkalving, “hetgeen tot groot voordeel zoude verstrekken te meer daar hetzelve gewasch ook zal kunnen dienen tot spijse van schaapen voor al in het voor- en najaar als er geen ander groente voor dat vee te bekennen is”. Daarnaast zou het de duinen ook nog eens, in plaats van het aanzicht van een dorre woestijn, een zeer plezierig voorkomen geven. Het waterschap is niet op zijn voorstel ingegaan. Waarom, is niet duidelijk, maar ik zou me kunnen voorstellen dat de heren in het polderhuis in Middelburg geen zin hadden om de Walcherse duinen te veranderen in een Schots landschap.

Schotse Huizen in Veere

Maakte Smart graag een tochtje over het eiland, vele van zijn landgenoten kwamen in hun vrije tijd graag bij elkaar in het Schotse huis, ‘De Struys’, aan de Kaai. Dit huis was in 1764 in gebruik genomen als gemeenschapshuis en kantoor van de conservator. Dat het er soms vrolijk aan toe kon gaan, blijkt uit een brief die Jan Amoury, de buurman uit ‘Het Lammetje’ naar B&W stuurde met de klacht dat hij meermalen in z’n nachtrust werd gestoord door “het dansen, spelen en geweld dat daarin komt voor te vallen”.

Thans herinneren nog een aantal gebouwen aan ‘ons’ Schotse verleden. Het huis ‘De Swane’ aan de Markt was van 1541 tot 1616 de plaats van samenkomst van de Schotse natie voor hun rechtszittingen en festiviteiten. De cisterne is sneller dan in eerste instantie de bedoeling was, aangelegd (in 1542) om de Schotten een geschikte plaats te bieden voor het wassen van hun wol en huiden. De huizen ‘Het Lammetje’, ‘De Struys’, ‘De Oliphant’ en ‘De Wolzak’ zijn in de 16de eeuw voor Schotse kooplieden gebouwd.

De Schots-Veerse relatie

Veere verloor het stapelrecht in 1799, maar vanuit Schotland bleef een sterke belangstelling voor Veere bestaan. Deze Schots-Veerse periode is in de Schotse geschiedenis namelijk een erg belangrijke; de economische rol die Veere voor Schotland heeft gespeeld is door geen andere Europese stad geëvenaard. De Stichting Veere – Schotland probeert deze historische relatie ook in de 21ste eeuw in stand te houden en hoopt met de organisatie van diverse activiteiten ook de Schotse cultuur in de stad Veere weer tot leven te wekken.

© Peter Blom en Tiny Polderman

Andere sites over de Schotse en/of Zeeuwse geschiedenis:
www.bbc.co.uk/history/scottishhistory/europe
www.nas.gov.uk
www.zeeuwsarchief.nl
www.veere-stad.nl
www.hkwalcheren.nl